Haagse Stadspartij: “College, geef openheid in zaak Harms”

Op verzoek van de Haagse Stadspartij en andere partijen vond woensdag 6 mei een spoeddebat plaats over de onthullingen van NRC Handelsblad over het vertrek van topambtenaar Henk Harms. Deze directeur van de Dienst Stedelijke Ontwikkeling is onderworpen aan een integriteitsonderzoek over zijn handelen bij de bouwprojecten Amare en Sonate bij het Spuiplein. Het gaat om bouwprojecten van Volker Wessels van honderden miljoenen, waarbij ook de gemeente betrokken is. Gebleken is dat hij in strijd met de gedragscode heeft gehandeld en niet transparant is geweest. Als gevolg daarvan vertrekt hij bij de gemeente en is het contract met een andere ingehuurde projectleider ontbonden.

Het urenlange debat hierover leidde woensdag tot een patstelling. Het college, bij monde van interim-burgemeester Remkes, weigerde het onderzoeksrapport openbaar te maken. De raad heeft het rapport vertrouwelijk mogen inzien, maar mag er alleen in beslotenheid over vergaderen. Peter Bos, raadslid van de Haagse Stadspartij, baalt en is boos: “Het college laat de verdenking op zich dat het iets te verbergen heeft. Het rapport moet openbaar, het gaat over beladen projecten, miljoenen belastinggeld, hoe de gemeente heeft gehandeld m.b.t. kostenoverschrijdingen die door Volker Wessels zijn geclaimd en hoe onder verantwoordelijkheid van wethouder Revis deze topambtenaar zijn gang kon gaan. Het college dient hier verantwoording over af te leggen en dat moet in een democratisch land gewoon openbaar”.

In de raadsvergadering van 13 mei heeft de Haagse Stadspartij een voorstel gedaan om de geheimhouding van het onderzoeksrapport op te heffen. Dit amendement werd door de gehele oppositie gesteund, maar werd door de coalitie weggestemd.

Hieronder het betoog van Peter Bos tijdens de commissievergadering van 6 mei 2020:

Voorzitter,

Allereerst dank om in deze moeilijke periode op korte termijn te kunnen spreken over de uitkomst van het integriteitsonderzoek. Ook dank aan het college om vandaag aanwezig te zijn en dat het onderzoeksrapport gisteren voor ons ter inzage is gelegd.

Het is niet niks, wat we nu bespreken. Een topambtenaar van de Dienst Stedelijke Ontwikkeling die opstapt vanwege ernstige integriteitsschendingen en een extern ingehuurde projectmanager waarvan eveneens afscheid wordt genomen. Het is een kwestie die zeer schadelijk is voor het vertrouwen in de gemeente en die ook raakt aan politieke verantwoordelijkheden. We stonden er al niet best op door het aftreden van twee wethouders vanwege een vermeende corruptiezaak en de daarop volgende val van het college, een burgemeester die is opgestapt, diverse grote bouwprojecten die kampen met kostenoverschrijdingen, het lekken uit vertrouwelijke gesprekken naar de pers en dan nu dit weer.

Het onderzoek naar gedragingen van de topambtenaar is ons voor het eerst gemeld op 22 november 2019 en recent heeft de burgemeester ons ingelicht over de uitkomst. Dit onderzoek hebben we gisteren kunnen lezen, maar is helaas vertrouwelijk. Tegelijkertijd is er door het NRC uitvoerig over gepubliceerd zodat veel zaken nu op straat liggen. Het debat van vandaag zal zich moeten beperken tot deze openbare bronnen.

Het onderzoek spitst zich toe op het al vele jaren voortslepende dossier van de ontwikkelingen in het Spuikwartier. Een politiek zeer beladen en gevoelig onderwerp, en juist daarom zijn de onthullingen van de laatste tijd zo brisant. Het komt bovenop de commotie die eerder al is ontstaan over de bizarre package deal van 30 miljoen extra voor Volker Wessels en de verdwenen 88 sociale woningen

bij Sonate, ook in het voordeel was van Volker Wessels. Het komt ook bovenop andere omstreden projecten waar de top van DSO en grote bouwbedrijven bij samenwerken en die de laatste paar jaar negatieve publiciteit op hebben geleverd zoals Legoland, het busplatform bij CS, de fietsenstalling en hoogbouw op het KJ-plein, de Vuurtorenweg, het Rijnstroompand en noem maar op. Keer op keer vragen we de wethouder: Zijn we eigenlijk wel in control, waarom falen de checks and balances, waarom is de gemeente niet opgewassen tegen die grote bouwbedrijven? En keer op keer bezweert de wethouder ons dat de problemen zijn opgelost en dat het goed komt. Ook als het gaat om integriteit worden voortdurend bezweringsformules over ons uitgestort en maatregelen getroffen. En keer op keer zien we dat het toch weer mis gaat. Mijn conclusie is dat er onacceptabele en veel te innige banden zijn ontstaan tussen topambtenaren en bouwbedrijven zonder dat alle alarmbellen zijn afgegaan bij het college. Dit vraagt om een diepgaand onderzoek naar diverse dossiers waarin dit mogelijk aan de orde is geweest. Is het college hiertoe bereid?

Voorzitter,

Ik zie een patroon. Een patroon van mismanagement, van zaken die lang onder het tapijt blijven, en een college dat achter de feiten aanloopt, geen orde op zaken stelt, en mogelijk zelf al langer op de hoogte is van misstanden, maar er mogelijk belang bij heeft om dit te laten door etteren. Die verdenking zal het college moeten wegnemen en anders zal dat politieke consequenties hebben wat mijn fractie betreft.

Zelfs in de mededelingen van het college over het onderzoek zien we een vergelijkbaar patroon. De brief van de burgemeester is uiterst summier. Het gaat over een onderzoek naar het handelen van een ambtenaar in relatie tot de bouw van het OCC. Er zijn twee betrokkenen onderwerp van onderzoek geweest. De gedragscode is overtreden en er is niet transparant gehandeld. Dankzij artikelen van het NRC en AD krijgen we veel meer informatie en dat is kwalijk. Ook daardoor krijgt de burger het idee dat er zaken onder de pet worden gehouden. Natuurlijk speelt privacy een rol en moet het college daar zorgvuldig mee omgaan, maar dit had veel beter gemoeten.

Zeker omdat het gaat om een zeer politiek gevoelig dossier en integriteit sinds enige tijd speerpunt is van beleid vind ik het onbestaanbaar dat we zo slecht en laat worden geïnformeerd. Steeds als de pers dreigt te publiceren komt er pas iets los bij het college. Dat is goed werk van het NRC, maar kwalijk dat het college niet transparant is naar de raad en de raad niet proactief informeert. Ik vraag de burgemeester hoe hij hier op terugkijkt, want dit is cruciaal voor het vertrouwen tussen raad en college.

Wanneer is het college voor het eerst geïnformeerd over de integriteitsmelding en bij welke wethouders? Wanneer is dit besproken in het college?

Hoffman Bedrijfsrecherche heeft volgens het NRC het onderzoek uitgevoerd. Kan het college aangeven wie opdracht heeft gegeven tot het onderzoek en of het college betrokken is geweest bij de opdrachtverlening?

En is het rapport van Hoffmann in de loop van de tijd nog aangepast? Zo ja, waarom?

De vraag is ook hoe alle informatie bij het NRC terecht is gekomen, en wie er lekt naar het AD. Daar zal geen antwoord op komen van het college vermoed ik, maar tekenend en bizar is het wel.

Uiteindelijk zijn er naar aanleiding van het rapport conclusies getrokken richting de twee betrokkenen. Kan het college aangeven hoe dat proces is verlopen, is dit een besluit van de Algemeen Directeur van DSO geweest, van de Stuurgroep Integriteit, van het college of van de burgemeester?

Is er onderzocht welke andere betrokkenen op de hoogte waren en waarom er nooit iets is gemeld?

Revis

Bestuurlijk verantwoordelijk voor de dossiers die zijn onderzocht is wethouder Revis. Ook de opgestapte topambtenaar en projectleider vallen direct onder zijn verantwoordelijkheid. Daarom is het van het grootste belang dat alle feiten op tafel komen. Ik verzoek het college dan ook om de onderzoeksrapporten zoveel mogelijk te witten en de bijlagen bij het onderzoek voor de raad ter inzage te leggen.

Het onderzoek beperkt zich tot OCC (Amare). Waarom is er geen onderzoek gedaan naar andere zaken waar de topambtenaar bij betrokken was? Voor mij is duidelijk dat een patroon zichtbaar is. Hij is ook al lange tijd in dienst van de gemeente. Is het college bereid alsnog nader onderzoek te doen?

Volgens NRC is er sprake van gesprekken en afspraken tussen de gemeente en Volker Wessels over het mogen herontwikkelen van de Martelaren van Gorcumkerk om kosten van de bouwplaats op het Spui te compenseren. De kerk zou op een lijst staan die de wethouder op 20 december 2018 heeft besproken met Volker Wessels. Kan de wethouder dit uitleggen? En kan de wethouder ook aangeven of hij op de hoogte was van alle andere zaken die in het rapport en de NRC gemeld zijn?

Tenslotte vraag ik of het college van plan is aangifte te doen van mogelijke strafbare feiten. De zaken die in het NRC genoemd worden geven daar voldoende aanleiding toe. Kan het college dat toezeggen?

Tot zo ver.

 

In de gemeenteraadsvergadering van 13 mei 2020 hield Peter Bos het volgende betoog:

 

Voorzitter,

 

Wij hebben op 6 mei jongstleden een commissiedebat gevoerd over het integriteitsonderzoek dat is uitgevoerd naar een topambtenaar van de gemeente Den Haag. Omdat het integriteitsonderzoek geheim was moesten wij het debat voeren op basis van een kort begeleidend briefje van het college en konden wij niet ingaan op specifieke zaken zoals die in het integriteitsonderzoek naar voren zijn gebracht. Dit belemmert ons als raad om het college in het openbaar te controleren en ter verantwoording te roepen en dat is hoogst onbevredigend.

 

Het college weigert het onderzoek openbaar te maken en vraagt ons nu om vandaag middels een raadsbesluit de geheimhouding te bekrachtigen. Daar heb ik grote moeite mee en daarom heb ik samen met een groot aantal partijen een amendement gemaakt met als doel om de geheimhouding zo veel als mogelijk op te heffen. Ik zeg met nadruk “zoveel als mogelijk”, omdat ik ook besef dat er redenen kunnen zijn om de namen van personen en tot personen herleidbare zaken geheim te houden. Mijn amendement roept het college dan ook op om kritisch te kijken naar welke delen van het rapport openbaar gemaakt kunnen worden en welke delen niet.

 

Openbaarheid van bestuur is van groot publiek belang en is voorwaardelijk voor een goed en democratisch bestuur. Bij de vraag of iets geheim moet blijven dient altijd een goede belangenafweging te worden gemaakt, waarbij het algemene en publieke belang zwaarwegend is.

 

Het college dient zich te houden aan het wettelijk kader en heeft zich in dit geval beroepen op een viertal weigeringsgronden van de Wet Openbaarheid Bestuur.

 

Het college stelt allereerst dat sprake is van persoonsgegevens die geheim moeten blijven. Ik zou het college willen vragen om welke persoonsgegevens het gaat, want volgens de wet zijn persoonsgegevens alleen geheim als het gaat om iemands godsdienst of levensovertuiging, ras, politieke gezindheid, gezondheid, seksuele leven, het lid zijn van een vakvereniging en strafrechtelijke persoonsgegevens. Al deze zaken zijn mijns inziens niet aan de orde en kunnen desnoods weggelakt worden. Deelt het college mijn mening?

 

Als tweede weigeringsgrond noemt het college het belang van de opsporing en vervolging van strafbare feiten. Het moet dan gaan om openbaarmaking van gegevens die opsporingsambtenaren of het Openbaar Ministerie inmiddels hebben vergaard. Aangezien het college geen aangifte heeft gedaan tegen de in het rapport genoemde personen kan hier dus helemaal geen sprake van zijn. Kan het college hier op in gaan?

 

Als derde weigeringsgrond noemt het college de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer. Maar gegevens hieromtrent zouden eventueel weggelakt kunnen worden. Als ze al aan de orde zijn. Kan het college hier op in gaan?

 

Tenslotte noemt het college als weigeringsgrond het voorkomen van onevenredige bevoordeling of benadeling van personen of rechtspersonen, dan wel van derden. Kan het college aangeven wie onevenredig wordt benadeeld of bevoordeeld bij openbaarmaking?

 

Van belang is verder dat overheidsorganen geen gegevens mogen achterhouden als publicatie mogelijk een ongunstig licht zou werpen op het gevoerde beleid. Is het college daarvan op de hoogte?

 

En ook al zou er een relevante weigeringsgrond aan de orde zijn, dan nog dient het college een belangenafweging te maken. Als het belang van openbaarmaking zwaarder weegt dan het belang van geheimhouding dan moet het college kiezen voor openbaarmaking.

 

Dit laatste punt is zeer relevant. Ik heb eerder al gezegd dat het in deze kwestie gaat over beladen projecten, miljoenen belastinggeld, hoe de gemeente heeft gehandeld met betrekking tot kostenoverschrijdingen die door Volker Wessels zijn geclaimd en hoe onder verantwoordelijkheid van wethouder Revis de topambtenaar zijn gang kon gaan. Het belang om hierover in het openbaar met het college in debat te gaan en het college ter verantwoording te roepen weegt veel zwaarder dan het belang van geheimhouding. Hier heeft niet alleen de raad recht op, maar de hele stad en alle kiezers. We leven in een democratisch land en dan is het essentieel dat het politieke bestuur open en transparant is. Punt.

 

Als het college toch bij haar standpunt blijft dan laadt het de verdenking op zich dat het iets te verbergen heeft. En dat is niet alleen schadelijk voor het aanzien van de lokale politiek, maar ook gewoon heel dom.

 

Voorzitter,

 

Ik kom tot een afronding. De laatste jaren zijn er regelmatig integriteitskwesties aan de orde gesteld in de raad. Sinds de val van het vorige college als gevolg van verdenkingen van corruptie zit de schrik er goed in en staat integriteit bovenaan de lijst van prioriteiten. Er zijn stappen gezet om schoon schip te maken in het stadhuis en dat waardeer ik. Er is een nieuw college gekomen dat garant zegt te staan voor een “open bestuurscultuur”. En in het coalitieakkoord belooft de coalitie om open en transparant te besturen.

 

Maar nu het huidige college zelf onder vuur ligt geeft het niet thuis en schiet het in een kramp. Dat is niet goed: College, pak door en laat zien dat je ook transparant durft te zijn over je eigen functioneren en wees open door relevante informatie zoveel mogelijk vrij te geven.

 

Tenslotte heb ik nog een vraag: Heeft het college gevraagd of de in het rapport genoemde betrokkenen instemmen met openbaarmaking? En wat was daarvan de uitkomst?

 

Tekst amendement:

 

Amendement: Openheid integriteitsonderzoek

Indiener: Peter Bos, Haagse Stadspartij

 

De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 13 mei 2020, ter bespreking van het “Voorstel van het college inzake bekrachtiging geheimhouding (RIS305191)”.

 

 

Besluit:

 

  1. Toe te voegen aan het Besluit onder II:

 

met dien verstande dat de bekrachtiging van de geheimhouding zich beperkt tot de namen en functies en andere specifiek tot personen herleidbare zaken die in de rapporten worden genoemd.

 

 

Toelichting:

 

De rapporten hebben betrekking op integriteitskwesties die plaats hebben gevonden op een hoog niveau in de ambtelijke organisatie, waarover het college in het openbaar politieke verantwoordelijkheid dient af te leggen. De impact van deze integriteitskwesties is groot gebleken en raakt aan het vertrouwen tussen burger en bestuur. Daarom is het van groot belang dat het debat hierover met zoveel mogelijk openbare informatie in de volle openbaarheid kan plaatsvinden. Dit past bij een door het college en raad gewenste “open bestuurscultuur” en de belofte van het coalitieakkoord: “Deze coalitie bestuurt open en transparant”.

 

 

 

 

 

Peter Bos​​                     Ralf Sluijs                     Lesley Arp        Pieter Grinwis

Haagse Stadspartij​       HvdH/Groep de Mos    SP                    ChristenUnie/SGP

 

 

Adeel Mahmood          Tahsin Cetinkaya          Robert Barker

NIDA                            Islam Democraten       Partij voor de Dieren