Haagse Stadspartij stelt vragen over ‘vis­apotheek’ op Regentesse­plein

Sinds enige tijd is er op het Regentesseplein een grote viskiosk gestationeerd recht voor de ingang van buurtcentrum ‘de Regenvalk’ waar het nu permanent naar vis ruikt. Donderdag 28 september heeft de Haagse Stadspartij het college vragen gesteld over deze kiosk.

Schriftelijke vragen
Naar aanleiding van de plaatsing van de viskiosk op het Regentesseplein heeft raadslid Peter Bos op basis van artikel 30 van het reglement van orde de onderstaande vragen aan het college gesteld.
Uit de nota ‘Markten, Straathandel en Kiosken 2016-2021’ (RIS 283882).
Er zijn drie soorten standplaatsen:
1. Ambulante standplaatsen die door verschillende vergunninghouders voor een beperkte periode worden ingenomen, op vooraf bepaalde tijden (een of meer dagdelen per week).
2. Incidentele standplaatsen. Deze zijn steeds kortdurend.
3. Seizoensplaatsen. Vergunninghouders kunnen op aan te wijzen vaste locaties handel drijven gedurende het verkoopseizoen van hun product. Denk bijvoorbeeld aan een oliebollenkraam.
‘Locaties voor nieuwe ambulante standplaatsen worden zoveel mogelijk bepaald in overleg met ondernemers in de omgeving. Het is immers niet de bedoeling dat ambulante handel het karakter van de bestaande winkelstructuur verstoort. Vergunningen gelden voor specifieke dagen of dagdelen zodat standplaatsen door meerdere ondernemers kunnen worden benut en er betere waarborgen zijn dat plaatsen voor ambulante handel niet duurzaam in beslag kunnen worden genomen. Het zorgt er ook voor dat de consument een breder aanbod krijgt op één plek.’
1. Welk soort standplaats betreft het bij deze viskar?
2. Waarom is er voor deze locatie gekozen? Wat zijn de afspraken omtrent tijden en locatie die met deze ondernemer zijn gemaakt? Welke dagen en welke dagdelen staat deze viskar op het plein?
3. Welke andere ondernemers maken gebruik van deze locatie?
4. Waarom zijn de winkeliersvereniging, wijkcentrum, stadsdeel en bewoners niet gekend in de besluitvorming rondom de plaatsing van deze viskraam?
Bij de opening van de kiosken in de Fahrenheitstraat zei de wethouder: ‘Dit is een goed voorbeeld van hoe mooi een Haagse kiosk eruit kan zien en welke invloed dat heeft op het straatbeeld’.
En in de voorwaarden voor een standplaats aanvraag staat te lezen: ‘De verkoopinrichting moet passen in de openbare ruimte van de gekozen locatie’.
5. Waarom is in het geval van deze viskraam niet gekozen voor een meer bij het plein passende kraam maar voor een witte truck die het zicht vanaf de geplaatste bankjes ontneemt en heel prominent het beeld op het plein bepaalt? Is het college met mij van mening dat er hier geen sprake is van een verkoopinrichting die past in de openbare ruimte van de gekozen locatie? Zo nee, waarom niet?
6. Hoe verhoudt zich deze snackwagen met de wens en wedstrijd om een eenduidige Haagse kiosk in Den Haag te hanteren?
7. Is het college met mij van mening dat er fouten zijn gemaakt in de procedure in de tot stand koming van deze standplaats doordat er geen overleg is geweest is met de betrokken organisaties? Zo nee, waarom niet?
8. Hoe gaat het college er voor zorgen dat het Regentesseplein gevrijwaard blijft van dit soort visueel en ruimtelijk ongewenste zaken?

In de pers
AD Haagsche Courant, 6 oktober 2017

Uw reactie

Kopieer de cijfers e/o symbolen *^*